Welkom bij Proza Musica

Adriaan Cornelis Schuurman en de melodie

Adriaan Cornelis Schuurman is de componist van de melodie bij Door goede machten trouw en stil omgeven, Lied 511 in het Liedboek (2013), of Gezang 398 in het Liedboek voor de Kerken (1973). Deze op 28 juli 1904 in Kampen geboren musicus wordt wel als “vader van het protestantse kerklied” beschouwd. Na zijn eindexamen gymnasium studeert hij van 1925 tot 1927 piano aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Ook volgt hij contrapuntlessen bij Johan Wagenaar. Daarna studeert hij tot 1931 aan het Amsterdams Conservatorium orgel bij Cornelis de Wolf en contrapunt bij Sem Dresden. Als organist is Schuurman achtereenvolgens werk­zaam geweest in Schiedam, Lochem, Amersfoort en Den Haag.

Tevens was hij dirigent van de Christelijke Oratorium Vereniging ‘Laudate Dominum’ te Voorburg. In 1969 nam hij afscheid als docent voor kerkmuzikale vakken aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en in 1973 als docent contrapunt en kerkmuziek aan het Rotter­dams Conservatorium. Adriaan C. Schuurman is vooral bekend geworden door zijn kerkmuziek. Hij is betrokken bij zowel de Liedbundel van 1938 als bij het Liedboek voor de Kerken (1973), waaraan hij 18 van de 491 liederen bijdraagt. Naast een aantal orgelwerken, waarvan “Toccata, trio en fuga Psalm 150” het bekendste is, componeert Schuurman in 1981 een “Psalmen-cyclus” in opdracht van de Gereformeerde Organisten Vereniging, alsmede enkele oratoria. Hij overlijdt op 24 augustus 1998 in Den Haag.

Melodie bij Door goede machten trouw en stil omgeven

De componist (A.C. Schuurman) merkt in het Compendium bij het Liedboek voor de Kerken het volgende op over de melodie: “De ernstige tekst, vol inkeer en Godsvertrouwen, vroeg om een ingetogen melodie. Zo moet ze ook gezongen worden, geconcentreerd en niet te luid. In regel 3 neemt de spanning toe tot deze vanaf de eerste noot van regel 4 weer afneemt.”